GRENZEN DER THERAPIE

Maar ook de Neuraaltherapie heeft haar grenzen. Dr. Peter Dosch somt deze "Versagers van de Neuraaltherapie" in zijn leerboek op. Niet of nauwelijks te beïnvloeden zijn:


1. Schizofrenie, manisch-depressieve psychosen, hysterie en andere psychische ziekten van erfelijke oorsprong of het gevolg van overmatige gevoelsstoringen;


2. deficiëntieziekten tengevolge van bv. vitamine- of hormoontekorten;


3. erfelijke aandoeningen zoals blindheid, doofheid en aangeboren epilepsie, terwijl de verworven vorm van epilepsie, die bv. na een hoofdverwonding kan ontstaan, vaak wel gunstig reageert op deze therapie;


4. door ziekte verworven misvormingen, al kan de Neuraaltherapie hier wel pijnstillend werken;


5. infectieziekten in vergevorderd stadium zoals terminale tbc. Vooral de eenzijdige long-tbc echter blijkt evenwel vaak onder stoorveldinvloed te staan en met neuraaltherapie is deze ziekte dan pas echt goed tot herstel te brengen (Bergsmann);


6. toestanden zoals spieratrofie na kinderverlamming, ver gevorderde schrompelnier en schrompellever. MS is soms niet meer te beïnvloeden. Eenzijdige verlamming na beroerte is meestal wel neuraaltherapeutisch beïnvloedbaar als men er maar tijdig mee begint;


7. kanker kan ook door neuraaltherapie veelal niet worden genezen. Uitschakeling van stoorvelden echter kan tot gevolg hebben dat de zelfgenezingsmechanismen weer behoorlijk op gang komen zodat zowel de klassieke als de minder gangbare goede kankertherapieën hun beoogde effect sorteren.


De ervaring leert, dat elke chronische ziekte en elke regulatiestoornis het gevolg kan zijn van één of meerdere stoorvelden en dat dergelijke stoorvelden, een therapieresistentie tot gevolg kunnen hebben. Men zou het dan ook als een "kunstfout" kunnen beschouwen om chronische- en therapie-resistente patienten, niet op stoorvelden te laten onderzoeken en te behandelen. En met uitzondering van die enkele ziekten, die ook voor de Neuraaltherapie niet toegankelijk zijn, is een poging met deze therapie in ieder geval op haar plaats in alle gevallen waar met behulp van de klassieke- of alternatieve therapie, geen of onvoldoende succes wordt geboekt.